![]() |
| Batz-sur-Mer - Le Croisic, september 2007. |
Vandaag is het feest! ๐๐๐ฐ Want Huize Zeezicht bestaat 10 jaar!
Als het lente is, lees ik een krant op een terras en drink een latte uit een glas. Of om het even een boek met een cappuccino of een dubbele espresso. Maar dat kan ook als het zomer is. 's Winters ga je binnen zitten.
![]() |
| Batz-sur-Mer - Le Croisic, september 2007. |
Als je nog geen horloge had – op welke leeftijd kreeg je vroeger een horloge? – of je had er wel een maar was vergeten het om te doen, vroeg je of je naar de wc mocht. Daar kon je door het raam zien hoe laat het was. Maar als je onderweg naar de wc het trappenhuis passeerde, kon je ook al op de klok kijken. Dan hoefde je niet per se nog naar de wc te gaan. Het lag eraan of de wc zich ten opzichte van de klas waar je vandaan kwam voorbij of voor het trappenhuis bevond. Het trappenhuis was in het midden, tussen de meisjes- en jongens-wc's in.
Als je niet echt moest maar alleen maar wilde weten hoelang het nog duurde voordat de school uit ging, kon je als je de klok al in het trappenhuis gezien had, dus eigenlijk meteen weer terug naar de klas. Toch ging je dan toch maar naar de wc, omdat het anders zou opvallen dat je zo snel terug was.
We kunnen nog steeds door dat raam van het trappenhuis kijken. En als we onze mobieltjes thuislaten (om te zien hoe laat het is) – die heb je tegenwoordig eerder dan dat je vroeger een horloge kreeg –, is er niks veranderd. Of ja, toch wel. De achterkanten van de huizen van de De Waal Malefijtstraat zijn een beetje opgetrokken.
Teken de petitie voor het behoud van de Christelijke Opleidingsschool op petities.nl.
![]() |
| Ds. J. Smit in Om de Oude Kerk. Kerkblad van de Hervormde Gemeente van Katwijk, 76 (2021) 18, p. 8. |
Niet de landelijke pers, of de lokale pers, maar het kerkblad, ook een vorm van lokale pers natuurlijk, zeker wel, dat we daarin genoemd worden, dan hebben we het wel gemaakt met ons programma. Kijk het terug door in de zijbalk rechts van dit bericht op het icoontje van YouTube te drukken. ๐
Braam plukken is een programma van Adri van Beelen, Leendert de Vink en Jaap Arnoldus.
![]() |
| Koninginnedag 1953.* |
Onlangs kreeg ik een leuke reactie van de firma G. Perlee over de foto met het draaiorgel op mijn blog van 3 september 2016. We kunnen die foto nu heel precies dateren: Koninginnedag 1953.** Een orgelman uit Leiden had het draaiorgel voor die dag gehuurd en kwam er met zijn medewerkers helemaal mee naar Katwijk lopen, 'ca. 1100 kg niet-aangedreven of geremd gewicht. Sterke hardwerkende mensen. En dan nog met de hand draaien.'
Op Wikipedia vinden we dat het draaiorgel op de foto in 1918 gebouwd is bij Joseph Bursens in Hoboken (Belgiรซ) en dat het De Vierenvijftig Bursens*** heette, naar het aantal 'toetsen' en de bouwer.**** Het orgel speelde jarenlang in de Amsterdamse Jordaan en is nog altijd eigendom van de familie Perlee. Na 1958 moet het orgel zijn overgeschilderd. Dan beginnen de tv-uitzendingen van Pipo de Clown, van wie een afbeelding op het onderpaneel kwam en die het draaiorgel de naam De Pipo bezorgde. Voor het open gedeelte kwamen twee poppen en op de zijpanelen werd Corry Brokken afgebeeld.
Hoe het draaiorgel geklonken moet hebben in 1953 horen we hier:
![]() |
| Bevrijdingsfeesten. Kinderen rond het draaiorgel 'De Vierenvijftig Bursens' ofwel de 'IJskast' van Perlee, later bekend als 'De Pipo'. Juli 1945. Stadsarchief Amsterdam. |
![]() |
| De uitreiking van de koninklijke onderscheiding in de Pieterskerk te Leiden.* |
Vandaag is Korrie Korevaart koninklijk onderscheiden en dat is dik verdiend!
Of zoals de burgemeester het verwoordde: 'Als Korrie Korevaart zich ergens mee bemoeit, gaat ze er helemaal voor. Ze is betrokken, betrouwbaar, enthousiast, creatief en zet zich dag en nacht in. Zo iemand verdient een lintje. En daar is onze koning het helemaal mee eens. Bij Koninklijk Besluit van 23 februari 2021 heeft hij daarom dr. Kornelia Johanna Jannetje Korevaart benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.'
De uitreiking is hier nog eens terug te zien, vanaf 1 uur, 1 minuut en 30 seconden:
Korrie Korevaart studeerde in 1982 cum laude af in Leiden in de Nederlandse Taal- en Letterkunde en promoveerde daar in de Letteren op 30 mei 2001. In 2004 werd zij secretaris-directeur van de Faculteit der Kunsten van de Universiteit Leiden. Naast haar werk, zat zij onbezoldigd in de redactie van diverse tijdschriften, was zij actief voor de Alumnivereniging van Leidse Neerlandici, was zij secretaris van de Annie Romein-Verschoorlezing (ARV) en voor de werkgroep van de oude begraafplaats Maria Rust van de Historische Vereniging Westelijk Voorne. Binnen en ook buiten de Stichting Terebinth, waar zij vicevoorzitter is, zet zij zich in voor behoud en beheer van funerair erfgoed. Zij is verder sinds 2014 hoog gewaardeerd redactielid van het gelijknamige tijdschrift voor funeraire cultuur. Op de site van de Leidse universiteit wordt uitgebreid verslag gedaan van de grote verdiensten van Korrie Korevaart.
*Met dank aan Bert van der Meij voor het knippen van de screenshots. Bert, die vandaag bevorderd is tot hofleverancier.
Voor de vierde aflevering van Braam plukken nemen we u mee naar De Valstrik, een uitspanning met speeltuin uit het begin van de twintigste eeuw.
De uitzending is vanaf maandag 19 april de hele week te zien op RTV Katwijk, om 12.00, 18.00 en 21.30 uur, na de sport. Via Ziggo op kanaal 41 of KPN 1385 maar nog makkelijker in het hele land op https://www.rtvkatwijk.nl/live-tv/ op de genoemde tijden. Later komt het programma op YouTube, waar het tot in alle eeuwigheid op ieder moment van de dag jaar in jaar uit te zien is.
Als je dus net bent ingeschakeld, om pakweg tien over zes, ben je nog helemaal op tijd, want het komt na de sport! Wordt het vijf voor halfzeven, dan moet je toch wel klaar gaan zitten. Want het begint opeens, zonder aankondiging, na de reclame.
Veel kijkplezier!
De drie eerdere afleveringen van Braam plukken vindt u op YouTube. Van jong naar oud zijn dat:
aflevering 3:
aflevering 1:
Op m'n bureau van het merk Gazzda – ik zeg het nog maar eens, want ik ben er heel blij mee, niemand heeft zo'n mooi bureau, zelfs de president van Amerika niet – heb ik een presse-papier in de vorm van de letter I. Het lijkt erop dat ik hem speciaal heb laten maken voor op dat bureau. Het is de hoofdletter, zoals je die op een typmachine kan aantreffen. In de computerwereld noem je dat lettertype, dat font, de Courier. Hij is van ijzer. Wat voor ijzer weet ik niet, van welke dichtheid, maar het heeft een zeker gewicht. Waarmee deze 'papierdrukker', zoals de leenvertaling van het voorwerp luidt, de papieren die eronder liggen op hun plaats houdt. Gek dat je zo'n ding altijd met wind en tegenover elkaar openstaande ramen in verband brengt. Van Dale bevestigt dat, al komt deze gedachte voor de beschrijver van het lemma pas op de tweede plaats: 'sierlijk, zwaar stuk glas, marmer enz. om op losse papieren te leggen, teneinde te beletten dat ze door elkaar raken of wegwaaien'. In mijn opinie echter zullen de papieren pas door elkaar raken nadat de stapel is omgevallen of weggegleden of weggewaaid.
Waarom een I, en geen L bijvoorbeeld, of een stevige M? Dat komt omdat deze presse-papier uit het Smalspoormuseum komt, bij het Valkenburgse Meer. Daar lopen rails die vroeger door de Katwijkse Zuidduinen hebben gelopen. Blijkbaar hadden ze van die rails door de duinen wat stukken over. Die ze in stukjes van vijf centimeter hebben gezaagd. Er lag destijds, het zal zo'n drie jaar geleden zijn dat ik zo'n stukje op de kop tikte, een hele bak vol van.
Dat museum met dat stationnetje is leuk, hoor. Ze gaan de rails nu doortrekken om het hele meer heen. Maar zo'n open vlakte haalt het niet bij de indianenbergen in de Zuidduinen waar het spoortje vroeger doorheen liep.
Ik vind hem prachtig, die I, dat stukje rails, met het snijvlak in blank metaal, gepolijst als het ware, en de omtrek zwart, door een dun laagje teer. Ik kijk ernaar en denk: vijf centimeter rails uit de Katwijkse Zuidduinen, vijf centimeter rails waar ik ooit overheen gereden ben.
![]() |
| Onderweg op het South West Coast Path, tussen Porthcurno en Mousehole – 26 juni 2008. |
![]() |
| De Oude Kerk als rederijschuur, begin twintigste eeuw. |
De heer Venema schrijft dat hij de indruk heeft dat de argumenten om de Christelijke Opleidingsschool te behouden 'sterk samenhangen met de nostalgie van de eigen basisschooltijd. De schrijvers van het artikel van 14 januari blikken terug en constateren dat ze, ruim veertig jaar geleden, op de school een heel goede tijd hebben gehad. Dat is mooi om te lezen.'
Om hier meteen bij aan te sluiten: wat fijn, meneer Venema, dat u zo van dit artikel heeft genoten. Wij genieten nog dagelijks, ook in deze tijd, van dit gebouw aan de Parklaan, een parel van de architectuur van de jaren vijftig. Weet u, meneer Venema, u bent zo iemand die we wel vaker hebben zien langskomen in de geschiedenis van Katwijk. In de jaren tachtig van de vorige eeuw, toen het politiebureau aan de Tramstraat en het gast- en weeshuis aan de Voorstraat werden gesloopt. In de jaren negentig, toen de visrokerij van Schaap, in Katwijk beter bekend als De Krul, werd weggesaneerd. Maar ook al aan het begin van de twintigste eeuw hebben we u langs zien komen.
Want weet u, nostalgie, nostalgische gevoelens, als die niet bestaan hadden, als er niet een groepje mensen was opgestaan die de waarde ervan inzag, dan had de Oude Kerk, de Witte of Andreaskerk aan de boulevard van Katwijk, die schitterende kerk aan zee, al bijna een eeuw niet meer bestaan. De Oude Kerk, uit 1460. Gelukkig waren het destijds de kunstschilders die nog enig gevoel hadden, nostalgische gevoelens, of hoe je het noemen wil, gevoel voor cultureel erfgoed, voor architectuur. Want de kerk, vervallen tot rederijschuur, alle Katwijkers kennen het verhaal, zag er niet meer uit! Maar het waren de kunstschilders (mensen van buiten, altijd mensen van buiten, ik zeg het er maar even bij) die de sloop van de Oude Kerk toen hebben tegengehouden.
Wat is er mis met nostalgie? Wat is er mis met kinderen die in een nostalgische en sfeerverhogende omgeving les krijgen? Die hun laptopjes openklappen in sfeervolle lokalen. Wat is daar mis mee? Als de wifi in orde is, is daar helemaal niets mis mee.
U denkt toch niet dat kinderen onder dit gebouw te lijden hebben. Die gaan gewoon naar school, doen hun ding, maken hun huiswerk en geven daarvan acte de prรฉsence in de zonovergoten klaslokalen van een prachtig schoolgebouw uit de jaren vijftig.
En het restaureren van de school en gymzaal? Waar een wil is, is een weg! Met de Oude Kerk is het destijds ook gelukt. En daar moest behoorlijk wat aan worden opgeknapt!
Teken de petitie voor het behoud van de Christelijke Opleidingsschool op petities.nl.
Dit keer waren we er bij de Oase in gegaan, in de Amsterdamse Waterleidingduinen (de AW-duinen). Daar heeft de omgeving wat van een Engelse landschapsstijl, maar dat heb ik zelf bedacht. Het is in ieder geval meer aangelegd dan bij de ingang bij het Panneland. Met rechte, diepliggende kanalen voor het water. Water dat nadat het gezuiverd is bij de Amsterdammers uit de kraan komt. Je moet daar niet naar beneden willen, van de kant af, zo steil is het naar die kanalen toe. Dan breek je allebei je benen. En armen.
We wilden nu eens kijken of we helemaal bij zee konden komen. Dat hadden we nog nooit geprobeerd. Maar dan niet via de bestrate hoofdwegen maar langs de kanalen over de paden. Daar lagen heel wat bomen om. Die laten ze liggen. Dat is wel mooi. Alsof het natuur is. Soms was het alsof we weer in de Cotswolds liepen of door een ander mooi gebied in Engeland. Heimwee. Ergens langs het pad zagen we herten met geweien. We liepen er voorzichtig naartoe. Maar hoe dicht we ze ook naderden, ze bleven gewoon dooreten. Mak als een lammetje. Was dit hun natuurlijke gedrag? Er waren ook bomen waarbij je kleine bomen had eromheen van dezelfde soort, netjes in een kring. Waren die uit de zaden ontsproten, die uit de boom in het midden vielen, of via de wortels omhooggegroeid, omgekeerd eigenlijk?
De zee was nog ver. Onderweg kwamen we een huis tegen, midden in de duinen, als in een roman. Het werd niet meer bewoond. Het was vast het huis van een boswachter geweest, of duinwachter. Ik heb het even opgezocht, het was tot 1917 het huis van de waterpompmachinist. De deuren stonden open. Door de voordeur kwam je via een gang gelijk bij de achterdeur, maar ze hadden er een soort straatje van gemaakt, van die gang, met straatsteentjes. Er ging een trap naar boven. In de gang was ook een dichte deur en als je van buiten door het raam in die ruimte keek, een soort woonkamer, zag je een tafel met allemaal koffiebekertjes. Het huis was gedegradeerd tot een keet voor de werkers in de duinen. Je kon dat ook omdraaien en zeggen dat de werkers in de duinen wel een heel luxe keet hadden als ze in dat huis hun pauzes hadden. Als je erdoorheen keek, en dat kon letterlijk bij dit huis, vanwege die voor- en achterdeur die altijd openstonden, kon het best een leuk optrekje worden om in te wonen. Boodschappen deed je dan in Vogelenzang of Zandvoort of deftiger, Aerdenhout, waar je Dieuwertje Blok kan tegenkomen bij de Albert Heijn. Heb ik eens gehoord. Dan is je dag gelijk goed. Dan kom je terug in je huisje in de duinen en zeg je tegen je vrouw: 'Weet je wie ik nu weer zag, in de supermarkt?' En dan zeg je die en die en sluit je af met de woorden: 'Er wonen hier allemaal mensen die we kennen in de buurt.' Zodat je je nooit eenzaam zou hoeven voelen in dat huis in de duinen.
Al pratend waren we bijna bij de zee. We zagen dat we een hoge duin over moesten bij de zeereep. Het huis lag dus ook nog eris goed beschermd tegen stormvloeden. Voor we bij de zee waren, moesten we eerst nog een klaphekje door, om de wilde beesten niet te laten ontsnappen, en hรฉ, wat was dat? Het fietspad dat we wel eens gereden hadden. Tussen Langevelder Slag en Zandvoort. Bijzonder om dat te passeren. Toen we bij de zee geweest waren, moesten we nog helemaal terug. We wilden wel een gewei vinden. Maar dan moest je in de broedtijd zijn, zei mijn vrouw. Ze bedoelde natuurlijk de bronsttijd. Ik zag dat al voor me, al die eieren met kleine donzige hertjes erin, bamby-eitjes. En als ze dan uitgekomen waren, die eieren, dat ze dan meteen konden lopen, tussen het gras, en dat je op moest passen dat je niet op ze stapte, zo klein waren ze. Reigers en buizerds vormden ook een gevaar voor die net uitgebroede hertjes. Ze slokten ze zo naar binnen.