Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boeken. Alle posts tonen

zaterdag 31 oktober 2026

The Old Man and the Sea... and the Cat


Bij Fábrica gaan we het strand op. De plek waar we altijd als eerste naartoe gaan als we weer eens in de Algarve zijn – daar kunnen jaren tussen zitten. Het pleintje met de palmbomen en het muurtje met op de hoek de kiosk waar we koffie bestellen en een pastel de nata, zo'n gebakje van bladerdeeg met pudding.

Het is heet, eind oktober maar de zon brandt. We lopen langs de cactussen en agaves, de droge duinvegetatie die je hier aantreft. Een groot decor, die hoge rand met al die planten. Ondoordringbaar. Er ligt een boomstronk, droog en uitgebleekt, een jerrycan, uit een inham stroomt water. De lagune van de Ria Formosa, waar de witte ooievaar broedt.

Je kan je er lelijk aan prikken, die agaves. Dat het bloed. Soms hangt er tussen de planten in de hoge rand een trap, een ladder, of een hálve trap of ladder. Die zegt: ik mag eruit maar jij mag hier niet naar binnen, niet zomaar. Het aangespoelde hout is met touw en stengels en alles wat kan binden aan elkaar gemaakt.

Het is een plek, een eigendommetje, zou je kunnen zeggen, en het is de kat die het verraadt, daar diep, ver weggestopt tussen de struiken, een hut, met heel even... de bewegingen van een oude man, de kat die naar hem toe komt, de oude man die de kat aait. Ik mompel wat: '... sir', en loop door. The Old Man and the Sea... and the Cat.


De oude man en de zee en de kat. Ik heb dat eerder gezien. Mooi beeld. Niet het verhaal van Hemingway, niet helemaal. Het is de entourage die maakt dat de titel in je opwelt.

Op het muurtje tussen Fábrica en Cacela Velha.
Kenny Random is hier geweest, de Italiaanse Banksy.

maandag 19 oktober 2026

Heel even Engelsen – South West Coast Path (85)

Jane en Peter demonstreren hoe je een bergbeklimmersuitrusting omdoet.

In Padstow komen we terecht in een inspirerende omgeving. De B&B waar we verblijven, vier nachten, staat vol boeken en overal waar je kijkt, ook in de badkamer, hangen foto's waarop de bewoners van het pand aan het bergbeklimmen zijn, langs steile wanden in Zwitserland, of skiën of kanoën. Boven in het trapgat hangt nog een oud model lange latten en in de woonkamer staat opzij van de crapauds een keur aan spiritualiën opgesteld. De kappen van de schemerlampen hangen er scheef op hun standaards.

Foto's in de badkamer.

De woonkamer is op de eerste verdieping en heeft een erker die uitkijkt op de haven. Daarboven hebben wij onze kamer en suite waar alles roze is geverfd, met boven de erker zo'n balkonnetje waar net twee bistrostoeltjes passen, om van hetzelfde uitzicht als uit de woonkamer te genieten maar dan wat hoger.

De Padstow Ukelele Band.

In de ochtend dalen we de trappen af naar helemaal beneden, waar de eetkamer is met daarachter een keukentje. Ook langs de traptreden is ruimte voor boeken.

Het stel is al aardig op leeftijd, hij nog wat ouder dan zij. Hij loopt met een stok. De dag van ons vertrek hoopt hij negentig te worden en in de dagen erna willen ze een nieuwe pup ophalen. Op de site van de B&B staat een foto van hun vorige hondje, Fitou. In het keukentje maakt zij ons ontbijt klaar, het warme gedeelte. Het koude dat voorafgaat, de serials met yochurt of melk en fruit, staat al op tafel. Hij komt ons daar vergezellen met zijn verhalen.

Peter op wat jongere leeftijd met bergbeklimmersuitrusting.

Op een van die ochtenden aan de eetkamertafel vertelt hij, zo tussen neus en lippen door, dat hij in september de dakgoten maar weer eens moet gaan schoonmaken. Ik zeg: 'Man, je bent bijna negentig, hoe wil je dat doen!' 'Nou, dan doe ik een touw om m'n middel en klim ik op het balkonhekje en dan ga ik zo de dakgoot in.' Vervolgens krijgen we van de twee een demonstratie van hoe je dat allemaal vastmaakt, die touwen. 

Ons balkonnetje is net zo groot als bij de buren, met net zo'n balkonhekje.

De roze kamer.

Zij zit in een ukeleleband, de Padstow Ukelele Band, die iedere woensdag in een andere pub bij elkaar komt. Dan zijn wij er toevallig ook, met als opdracht alle nummers te filmen en op te nemen. Als dank voor de genoten gastvrijheid. Deze woensdag is het toevallig de pub hier om de hoek, The Old Custom House. Het is de pub waar we die ober hebben gezien die alles uit zijn handen liet vallen omdat er een klant met een hond binnenkwam en de laatste, 'onze trouwe Engelse viervoeter', met voorrang geholpen diende worden. De ukeleleband zamelt geld in voor een reddingshelikopter. Op tafel staat een collectebus om het in de doen.


Op de laatste dag dat we bij Jane en Peter logeren, voordat we uit eten gaan in het dorp, worden we uitgenodigd voor een aperitief en mogen we voor het eerst echt plaatsnemen in het heilige der heilige, de woonkamer met erker. We nestelen ons in de witleren crapauds. In de boekenkasten naast de haard zien we een reeks bordeauxrode boekjes met alle toneelstukken van Shakespeare, een paar planken daaronder Kobbé's Complete Opera Book, Analyses of Musical Classics, The Illustrated Dictionary of Unfamiliar Words en Phrases & Sayings van Nigel Rees, alles over taal en toneel. Of we een gin-tonic lusten. Geen idee hoe dat smaakt, maar vooruit, de vraag maakt nieuwsgierig, en het is heerlijk, het sprankelt in het glas. Sparkling zeggen zij. Het is voor het eerst dat we deze nationale mix tot ons nemen. Nu zijn we, heel even, Engelsen.

zaterdag 17 oktober 2026

Tweede praatje over het kustpad in het Duna-atelier

Afgelopen donderdag was het zover, m'n tweede praatje over het South West Coast Path. Eigenlijk derde, want ik had het eerste praatje al een keer herhaald. Dat was drie weken geleden. Dus als je dat had meegemaakt, kon je bij dit praatje naadloos aansluiten. Maar dat hoefde niet, want je hoefde deel één niet gezien of gehoord te hebben om deel twee te kunnen volgen en de magie van het kustpad over je neer te laten dalen. Waar schrijvers en schilders hun inspiratie vonden, waar het soms steil omhoog gaat en ook weer omlaag, waar hele brokken land in zee verdwijnen en soms ook een ijscowagen, maar de sea-tractor de golven wonderwel trotseert op weg naar Burgh Island. Brittannia rule the waves!

Daarover en over nog veel meer mocht ik vertellen in dat prettige zaaltje aan zee, dit keer tussen de schilderijen van Natalia Dik. Het hangt er vol van en ze zijn prachtig. Gaat dat zien, nog tot en met 15 november in het Duna-atelier.

Alle aanwezigen en alle mensen die mijn optreden mogelijk hebben gemaakt, heel hartelijk bedankt!

Met dank aan Maarten van Rijn voor de mooie foto's, ook buiten, in de 'zomeravond' van 15 oktober.

vrijdag 4 september 2026

Nagenieten of voor het eerst genieten – schrijfster Nel van Duijn geïnterviewd door Adri van Beelen

Vanavond even gebeld hoe ze het gevonden heeft, haar optreden.

'Heel leuk, heel gezellig. In het begin moest ik even wennen, maar toen we eenmaal op gang waren had het best nog wel een kwartiertje langer mogen duren van mij. En nu zit ik te denken van dit had ik nog kunnen vertellen en dat, en daar hebben we het niet over gehad en... Maar de mensen hebben wel af en toe gelachen, en daar gaat het om.'

 

Vanmiddag werd schrijfster Nel van Duijn door Adri van Beelen geïnterviewd over haar boek Een omgekeerde borstrok, waarmee zij op 92-jarige leeftijd debuteerde.

Met dank aan de mensen van het Duna-atelier en Cultuurhuis Planck: Lia, Nel, Agnes, Arend en wie ik nog vergeten ben, die dit allemaal hebben georganiseerd, en Maarten voor de prachtige film van het gesprek – heel waardevol – zodat we er allemaal nog eens van kunnen nagenieten. En dank ook aan het publiek natuurlijk, dat er in zo groten getale op afgekomen was.

maandag 24 augustus 2026

Interview met schrijfster Nel van Duijn (94) door Adri van Beelen

Hoe was het om op te groeien in een tijd waarin je een dubbeltje in de gasmeter moest doen om 's avonds te kunnen lezen? En hoe beleefden Katwijkers de oorlogsjaren? Cultuurhuis Planck organiseert op 4 september in het Duna-Atelier in Katwijk een bijzondere middag met de 94-jarige schrijfster Nel van Duijn. In gesprek met Adri van Beelen vertelt zij over haar leven en haar boek Een omgekeerde borstrok.

Dat herinneringen aan het Katwijk van vroeger nog altijd aanspreken, blijkt uit het succes van haar boek, waarvan begin dit jaar al de derde druk verscheen. Nel groeide op tijdens de oorlogsjaren en maakte het Katwijk van toen van dichtbij mee. In Een omgekeerde borstrok beschrijft zij het dagelijks leven in het dorp, de oorlogsjaren, haar werk in het Zeehospitium en Hotel Noordzee, en de vele mensen die haar pad kruisten. Met herkenbare verhalen, kinderversjes en foto's schetst zij een levendig beeld van bijna een eeuw Katwijkse geschiedenis. Tijdens deze bijzondere middag deelt zij haar herinneringen en gaat zij in gesprek over een leven vol verhalen.

Vanaf 14.00 uur ben je welkom voor een kop koffie of thee in het Duna-Atelier. Om 14.30 uur begint het gesprek tussen Nel van Duijn en Adri van Beelen, dat duurt tot ongeveer 15.15 uur. Na het interview is er gelegenheid voor het publiek om vragen te stellen. Ook is er na afloop gelegenheid om het boek aan te schaffen.

Het Duna-Atelier vindt u onderaan de boulevard op het plein tussen de vuurtoren en het strand in Katwijk.

Aanmelden is niet nodig en de toegang is gratis.

zaterdag 6 juni 2026

Muze in het museum – 'Liggend naakt' van Isaac Israels

Isaac Israels, Liggend naakt (Sjaantje van Ingen), circa 1894-1900, olieverf op doek, 40 x 65 cm.

In 2009 werd het door het tijdschrift Oog van het Rijksmuseum uitgeroepen tot mooiste naakt uit de Nederlandse schilderkunst. Nu hangt het in het Katwijks Museum: Liggend naakt (Sjaantje van Ingen) van Isaac Israels. Adri van Beelen schreef er een boek over – Sjaantje. De muze van Isaac Israels – en André Groeneveld ontdekte het, bij toeval, boven een bed in een slaapkamer in Amsterdam. 

Te zien van 7 juni tot 4 oktober 2026, de expositie De muze van...

donderdag 14 mei 2026

Stanway House – de Cotswolds (10)

In de nieuwe roman van Herman Koch, De overbodigen, kom ik het tegen: Stanway House, (op bladzijde 55), een paar kilometer buiten Stanton. De romanpersonages staan er voor een gesloten hek. Ze lopen de Cotswolds Way. Toch maar eens kijken tussen de foto's die we daar in 2019 genomen hebben of dat dat landhuis is waar wij ook voor een dichte deur hebben gestaan. En over de muur nog wat foto's hebben genomen, als door een periscoop.

... als door een periscoop.

Ik vergelijk de foto's met plaatjes op internet. Of eigenlijk zoek ik het eerst op op internet, dat huis waarover in het boek gesproken wordt. Waar ik wel blij van wordt, want de plekken zijn dus niet verzonnen, de personages zijn dat natuurlijk wel, anders is het geen roman meer. Wat ik op internet zie blijkt inderdaad hetzelfde te zijn als wat wij op de foto's hebben en ik zie nu ook een bord naast een toegangspoort opzij waarop gewoon de naam staat: Stanway House. Met het voorplein bij de poort als een bijna Zuid-Franse plek.

... een bord naast een toegangspoort opzij waarop gewoon de naam staat: Stanway House.

Het huis, met zijn donkere, loodkleurige ramen, is omgeven door parkachtige tuinen en er is een vijver met een fontein die bij gelegenheid wordt aangezet door de landlord en ver de lucht in kan spuiten. Ik herinner me nog een een reportage, lang geleden, waarin hij in een groot vertrek – de salon? – een spel speelde dat op sjoelen lijkt, op meterslange tafel. Zonder opstaande randen. Geen sjoelbak dus. Aan het eind waren ook geen poortjes waarin de stenen verdwenen. Misschien dat het een mix was van sjoelen en petanque, dat je met je steen het dichtst bij een als eerste vooruitgeschoven kleinere steen (bij petanque zouden we zeggen de but of de cochonnet) moest proberen te schuiven, of met je steen gewoon het verst over de tafel moest zien te komen zonder aan het eind ervan over de rand te glijden. De reportage is gelukkig snel gevonden, maar het is niet die van toen, want de landlord van toen was een beetje mal, herinner ik me, maar hij heeft wel een opvolger, en aan het eind kijken we uit over het park en wordt – natuurlijk – wel weer de fontein aangezet, wat mooie regenboogkleuren oplevert.

Met het voorplein bij de poort als een bijna Zuid-Franse plek.

Dat doen ze in juni, lees ik op het bord naast de poort. Wij zijn er in september. Op de dag dat we erlangs lopen, eindigen we in Broadway. De dag daarop vraag ik mijn vrouw ten huwelijk op de Broadway Tower.

De reportage, met verteller en presentator Robin Shuckburgh.

vrijdag 27 maart 2026

Hotel Noordzee wordt gesloopt. Nee toch?

Als je als kind een hotel aan zee moest tekenen, tekende je dit hotel. Met een vooruitstekende gevel met panoramarestaurant en daarboven hoog in de lucht op de twee hoeken twee lange stokken met rood-wit-blauwe vlaggen. Vlaggen die altijd het land in waaiden. Want de wind die kwam uit zee. Je wist het precies in je kinderverbeelding. Zoals je een boom of een huis tekende, of een auto, zo tekende je ook een hotel aan zee.

De zijkanten van dat hotel had je dan nog niet ontdekt, met letters over de hele gevel, een hoge H met lange stokken, die eigenlijk ook weer het hotel verbeeldden, met de rechterstok, net als de gevel, iets schuin naar voren – een soort van droste-effect maar dan anders – en de dwarsstok van de H die doorliep, als een dak boven het woord NOORDZEE, want daar lag het hotel nu immers aan, waarbij je opnieuw aan het vooruitstekende panoramarestaurant moest denken.

Als je er uit eten ging met een feestelijk gezelschap, probeerde je daar ook altijd te zitten, vooraan bij het raam, met dat iconische uitzicht. En het gekke was, het lukte ook altijd, als je belde om te reserveren. Toch zaten er als je dan op de afgesproken tijd binnenkwam, ook altijd mensen meer de zaal in. Hoe deden ze dat?

Het restaurant werd aan de onderkant met pilaren gestut,* maar eigenlijk zag je die niet, ze vielen niet op als je eronderdoor liep. Het was net of die hele bak, dat hele balkon van een restaurant, hoe moet je het noemen, in de lucht zweefde. Wat naar achteren en daarbovenop had je dan die naar voren hellende gevel met hotelkamers, drie etages maar liefst de hoogte in, met bij allemaal een balkon. Die had je ook over de lange hoge gevel die de Voorstraat in liep, maar daar waren ze een stuk kleiner. Kleine, repeterende, zichzelf herhalende, balkonnetjes. Nadat je die muur met letters had gehad. Hoe verzin je het allemaal! Welke architect had hiervoor getekend! Een hotel dat eigenlijk omgekeerd, tegen de zee en de wind in gebouwd was, met z'n hele gevel en vlaggen en wat dies meer zij. En als die vlaggen bij oostenwind ook nog eris naar zee waaiden, was het helemaal de omgekeerde wereld.

Het hele hotel ademde hotel. En zoals je een huis aan zee Huize Zeezicht noemde, zo noemde je een hotel aan de Noordzee natuurlijk Hotel Noordzee. Mislopen kon je het niet, onmogelijk, door die vooruitstekende gevel en die letters hemelhoog. En vlaggen. Je hoefde maar te wijzen als een argeloze toerist je de weg vroeg.

Vissers die langs de kust voeren herkenden hun dorp heel gemakkelijk aan de glooiende daklijn van de huizen van na de oorlog, met daartussen als opvallende uitschieters de vuurtoren, de Oude Kerk en Hotel Noordzee. 

Veel Katwijkers hebben het nog zien bouwen. Dat begon met het graven van een groot gat in de grond – niemand had dat nog gezien in Katwijk in de tijd waarover we spreken. Daar kwamen de kelders, het souterrain, en toen dat klaar was, kwam daar telkens weer een laag bovenop en ging dat helemaal de lucht in, totdat het vijfhoog was. Dit was nog nooit vertoond.

Van de vele Katwijkers die het toen hebben zien bouwen zijn er nog enkele over die het straks zullen zien afgebroken worden. Een hotel uit de jaren vijftig, dat net als de Christelijke Opleidingsschool, allang wel de monumentenstatus had mogen hebben. Als ik het wel heb, is de hele boulevard van Katwijk ook een naoorlogs beschermd dorpsgezicht. Laten we dat toch maar even gezegd hebben, of in ieder geval genoteerd.

Hotel Noordzee wordt gesloopt. Je gelooft het niet als je het leest. En je hoopt maar dat het niet waar is wat er staat.

* In de tijd dat de ruimte onder het panoramarestaurant nog niet was opgevuld met bebouwing.

donderdag 19 maart 2026

Schoenen

V.l.n.r. Hanwag Tatra II GTX Wide, Salomon Quest 4 GTX,
Meindl Vakuum Ultra GTX en Meindl Vakuum III GTX.

'We zijn nu bezig met de schoenen,' zeg ik tegen Eric Westhoek op de Katwijkse schrijversavond. We maken een afspraak dat ik weer eens een verhaal kom vertellen in het DunaAtelier. Een vervolg op m'n vorige praatje, over het South West Coast Path. 'Ik denk dat dat nog wel de grootste stress oplevert als je een eind moet gaan wandelen: wat voor schoenen je aan moet.'

Niet een trein die je mogelijk zal missen. Maar de schoenen. Zo'n trein hebben we meegemaakt. Het valt in het niet bij wat er allemaal met schoenen kan gebeuren. Of een vliegtuig dat de verkeerde kant op vliegt. Ook dat hebben we meegemaakt. Ook dat valt in het niet bij wat er met schoenen kan gebeuren. Hopelijk maken we het nooit mee.

We hebben het meegemaakt dat we in een TGV zaten die voorbij Rotterdam opeens langzamer ging rijden, langzaam langzamer, en daarna zelfs helemaal stil kwam te staan. De verwarring onder de passagiers die daarbij kwam, iedereen om zich heen kijkend – wat moeten we doen als we straks in Brussel aankomen? Goed luisteren naar wat er door de intercom verteld wordt, eerst dat maar, de intercom waaruit op dat moment verhaspeld Engels en Frans klinkt. Het komt erop neer dat je straks de eerstvolgende Eurostar kan nemen, ná de Eurostar die je eigenlijk had moeten hebben. Waarvoor je voor dat je daarin mag, eerst met z'n allen in een lange rij mag gaan staan. Om je ticket om te boeken. Waarna het nog langere wachten begint, op die eerstvolgende trein. We doden de tijd met een puzzelboekje en bellen naar het hotel in Southampton dat het wat later kan worden en of we dan nog op tijd zijn voor het avondeten. De keuken is tot tien uur open, wordt er aan de andere kant van de lijn geroepen. De trein gaat weer rijden en we gaan de tunnel door en uiteindelijk zitten we met vijf uur vertraging toch nog om kwart voor tien aan tafel. Southampton is maar een tussenstop. De volgende dag reizen we volkomen uitgerust en bijgekomen van ons Brusselse avontuur – we zijn het alweer vergeten; zo gaat dat – met nog een paar tussenstops door naar Penzance. Zonder stress. 

Het valt in het niet bij wat er met schoenen kan gebeuren.

We hebben het meegemaakt dat een vliegtuig dat voor ons bestemd was door een fout van de verkeerstoren in plaats van in Amsterdam in Rotterdam ging landen. Het is nog vroeg in de ochtend als dat gebeurt. We wandelen naar de gate en zien het zo van het scherm verdwijnen. Zomaar. Weg. Foetsie. Want het is er niet, niet hier in ieder geval. De radeloosheid die zich dan van je meester maakt. Onder dat bord waarop het vliegtuig dat je moest hebben, niet meer vermeld wordt. Een vrouw roept dat we terug moeten naar de vertrekhal. Die heeft het eerder meegemaakt en weet wat ons te doen staat. We staan er uren in de rij om om te boeken, voor de volgende dag, moeten met een bus een heel eind over de terreinen rond de luchthaven, niemandsland, naar een wezensvreemd hotel, waar we een hele dag en nacht mogen vertoeven – een gevangenis is er niets bij vergeleken – tot we in een vliegtuig stappen dat er wel is de volgende dag. Uiteindelijk missen we van onze wandelreis door de Cotswolds alleen de eerste nacht in Moreton-in-Marsh. Als we in het plaatsje aankomen, uit Londen met de trein, moeten we die middag meteen gaan lopen naar Stow-on-the-Wold. Wat een overgang. Gelukkig is het maar 6,4 mijl, zo'n 10 kilometer, een lachertje, denken we later, als we aan de afstanden van het South West Coast Path gewend raken. De nacht in het romantische Moreton-in-Marsh is een nacht in de verlaten wereld rond Schiphol geworden, maar we hebben niets van de wandeling gemist. Onze koffers worden de middag van de wandeling alsnog netjes afgeleverd in de plaats waar we aankomen. Zonder stress.

Het valt in het niet bij wat er met schoenen kan gebeuren.

Want je moet er toch niet aan denken dat je net een paar dagen gelopen hebt en je zolen vallen eraf. Met nog honderden kilometer voor de boeg en geen schoenwinkel in de buurt. Gelukkig is het ons nog nooit overkomen. Maar ik weet van schoenen die we op Marktplaats hadden verkocht, alleen omdat ze te klein waren, maar nog hagelnieuw, want nauwelijks op gelopen, dat toen ze in Limburg arriveerden en een mevrouw er daar op ging lopen, dat we toen per kerende post foto's kregen te zien van diezelfde schoenen met zolen die er zo ongeveer naast lagen. Ver was ze er niet mee gekomen. En het waren nog maar liefst Meindl's. Van Lowa's weet je dat je ze niet moet kopen. Die hebben de naam, staan erom bekend. Maar Meindl's... Nou zitten Lowa's mij ook niet lekker, dus ik zal ze sowieso niet aanschaffen. Waar het hem in zit, bij al die wandelschoenen tegenwoordig, is de tussenzool, de zool die moet dempen en de schokken opvangt. Ieder jaar als je weer aan een grote tocht begint te denken, kijk je daar eens naar. Het jaar ervoor hebben je schoenen het 200 kilometer volgehouden, maar gaan ze dat nog een tweede keer doen? Want hoe is het ondertussen met de tussenzool? Is-ie niet verpulverd? Waardoor de onderste zool eraf kan vallen, zomaar. Een verkoper heeft me eens verteld dat er vroeger PFAS in de zolen verwerkt was, waardoor ze lekker stevig waren. Schoenen gingen met gemak tien jaar mee. Maar PFAS mag niet meer en er is niets stevigs voor in de plaats gekomen. Wat er nu tussen zit is schuim met de naam EVA, ethyleenvinylacetaat, een synthetisch goedje dat op rubber lijkt, met duizenden kleine luchtbelletjes, waardoor het materiaal superlicht en flexibel is. Je hebt ook PU-schuim, polyurethaan, wat zo'n beetje op hetzelfde neerkomt, maar het is allebei niet te vertrouwen. Om in schoenentermen te spreken: trap er niet in! Die vering, dat opvangen van de schokken, verdwijnt als je er een tijdje op gelopen hebt. De zool wordt hard en droogt uit. Je ziet dan aan de zijkant van de schoen vouwen in de tussenzool verschijnen. Vouwen die niet meer uit de plooi gaan. Scheurtjes moeten er helemaal niet in komen, dan kunnen er van buitenaf zuren in terechtkomen als je door de mest loopt. Bij het hek van een weiland waar runderen altijd samenscholen, heb je dat al gauw als je daarlangs moet. Aan het eind van een wandeldag moet je je schoenen daarom altijd goed schoonmaken, afspuiten. Wat je kan doen om die verdroging tegen te gaan, vertelde de verkoper, is je zolen af en toe 'pesten'. Dat doe je door je schoenen iedere maand een keer aan te trekken en er een stuk op te gaan lopen. Toch vertrouw ik dat allemaal niet en bestel ik iedere keer weer nieuwe schoenen, waardoor er zo langzamerhand een rij van hier tot Tokyo ontstaat. En om die schoenen allemaal een beetje in topconditie te houden, moet ik ze om en om en door elkaar dragen, om de zolen te pesten, van al die schoenen.

De laatste jaren liep ik op Meindl's Vakuum Ultra Gore-Tex (ook wel afgekort als GTX). En het laatste jaar op Salomon's Quest 4 GTX. Grote namen, maar wat stelt het voor. De laatste zijn lekker licht en liepen dat ook. Lekker verend. Maar ook van deze schoenen wordt de tussenzool hard en plat. Hij droogt uit. Dan ga je steentjes voelen, en dat willen je oude voeten niet. Daarom heb ik nu voor Hanwag's Tatra II GTX Wide gekozen. 'Wide' omdat ik brede voeten heb. Ook dat nog. Deze schoenen zijn van het B/C type, je kan er bergen mee bedwingen en dus hebben ze van zichzelf al een harde zool, waardoor je geen steentjes voelt. Ze zijn wat zwaarder, maar dat geeft niet. Als je dan dikke sokken aandoet, heb je vanzelf je demping weer. Sokken, tja, dat is ook nog wat. Neem een mix met als belangrijkste ingrediënt heel veel wol. Die blijven lekker droog en schoon. Ja, droog moeten de schoenen ook blijven, vanbinnen. Wilma heeft dat helemaal niet, dat ze iedere keer weer andere schoenen wil. Die loopt al jaren op dezelfde Meindl's Vakuum III GTX, schoenen van de B-categorie, dus met harde zolen. Misschien omdat ze ze al lang heeft, zit daar nog PFAS in, want ze zijn onverslijtbaar.

Voor de zekerheid nemen we altijd een tubetje Bison Kit mee.

donderdag 5 maart 2026

Wat je allemaal gemist hebt als je niet bij de Katwijkse schrijversavond was

Foto: Agnes Korebrits
Vooraf ontstond er al een soort van huiskamergesprek rond het Katwijks woordenboek, allemaal mensen om het tafeltje van Jaap van der Marel en mij die in gesprek raakten over de betekenis van woorden en uitdrukkingen in het Katwijks. Zoals de uitdrukking je mot 'm dun skille. Wat betekent dat nu precies? Waarbij meteen het idee geboren was om dat eens wat groter aan te pakken, die huiskamer. Oud-klasgenoot Peter van Duijvenboden was er. Dat is altijd een warm weerzien. Ook hij werkt nog een dag of drie voor een baas en doet daarnaast alleen maar leuke dingen. Als je in dezelfde klas gezeten hebt, ga je gelijk op, nietwaar? Naast ons zat de jongste schrijver van de schrijversavond, Tim Rigter, met zijn moeder Arianne, die al een boek geschreven had, Egg-land, met illustraties. Hoe knap! Mark van Dijk was er, die alles van Dickens weet en verzamelt en veel boeken over de grote schrijver gepubliceerd heeft en daarmee ook al eens in Met het oog op morgen geweest is! Er was een college van Robert Haasnoot over hoe je kan schrijven, intuïtief of structureel, maar dat je het wel allemaal moet opschrijven op een gegeven moment wat je te binnen schiet. Anders gaat het voorbij. Er was een verhaal van Piet Rovers over een koning en een kostbare ring en een paard, heel geheimzinnig verteld. De winnaar van de verhalenwedstrijd was Sofia Pellegrino. Zij kon er niet bij zijn vanwege lessen die zij ergens moest geven. Toen zij over de eerste prijs gebeld werd konden we allemaal meeluisteren en horen hoe de studenten juichten in de klas. Leo Stilma droeg het winnende gedicht voor, over ouderdom. Het was leuk om iedereen weer te zien, dat mag vaker gebeuren, en Agnes Korebrits hield goed overzicht over het programma.

Wat je allemaal gemist hebt als je niet bij de Katwijkse schrijversavond was. Warme woorden, lieve woorden, applaus!

maandag 2 maart 2026

Unieke kans!

Heeft u al een gesigneerd exemplaar van het boekje Een omgekeerde borstrok van Nel van Duijn? Kom dan naar de Katwijkse schrijversavond op woensdag 4 maart in de bibliotheek aan de Schelpendam. Er zijn nog meer schrijvers om te ontmoeten. Dat maak je niet vaak mee, dus ik zou zeker komen. Dit wordt een avond om nooit te vergeten. Blij en gelukkig gaat u weer huiswaarts.

zaterdag 24 januari 2026

Nu al een derde druk!

Nog geen jaar geleden verschenen en nu al de derde druk, van Een omgekeerde borstrok. Herinneringen van een Katwijkse van Nel van Duijn. Vandaag in de winkel!

Een authentiek verhaal over Katwijk in de afgelopen eeuw, spontaan opgeschreven, recht uit het hart.

***

Samenvatting

Als Nel van Duijn wordt geboren, wacht haar een lang en afwisselend leven. Ze maakt onder meer de Tweede Wereldoorlog mee en krijgt te maken met honger en andere ontberingen. Maar er zijn ook vele leuke gebeurtenissen. Bijvoorbeeld op haar werk in het Zeehospitium en in Hotel Noordzee, maar ook bij de zangvereniging waar ze in haar vrije tijd zingt. Samen met haar man krijgt ze twee kinderen: een zoon en een dochter. Pas op 88-jarige leeftijd besluit ze het allemaal op te schrijven. Het resultaat is een indringend verslag dat niet alleen een fantastisch tijdsbeeld geeft, maar ook een inkijkje in hoe het dagelijks leven in de afgelopen negentig jaar verliep in het – toch wel – bijzondere dorp Katwijk aan Zee.

De verhalen worden afgewisseld met kinderversjes uit die tijd. Achter in het boek zijn foto's opgenomen die verwijzen naar gebeurtenissen in de tekst. Bert van der Meij tekende het omslag.

***

Dit boek is een levensverhaal en ooggetuigenverslag ineen. Het is heel open en authentiek geschreven en daardoor verrassend en leuk om te lezen. Over de mensen van vroeger. Dat je een dubbeltje in de gasmeter moest gooien om 's avonds nog even te kunnen lezen. Of hoe je als kind de Tweede Wereldoorlog in Katwijk beleefde, ruim 80 jaar geleden. Toen ineens de Duitsers door de Varkevisserstraat marcheerden. En alle tijd daarna...

***

Deze unieke uitgave is verkrijgbaar bij:

• boekhandel Het Baken, Secr. Varkevisserstraat 37 te Katwijk aan Zee (ook online te bestellen)
• de VVV in de Zwaaikom aan de Prins Hendrikkade te Katwijk aan Zee
• de Readshop, Anjelierenstraat 3-5 in Rijnsburg
• het Katwijks Museum, Voorstraat 46 te Katwijk aan Zee
• Primera, Visserijkade 2 (Digros) en Hoornesplein 57 te Katwijk
• Primera, Kopermolen 7 te Leiden
• boekhandel De Kler, De Kempenaerstraat 39b in Oegstgeest en Breestraat 161 in Leiden

vrijdag 29 augustus 2025

'Een omgekeerde borstrok' op televisie

 

Als kind was ze onder de indruk van de Duitse soldaten die door de Varkevisserstraat marcheerden. We hebben het over de Katwijkse Nel van Duijn, de schrijfster van het boekje Een omgekeerde borstrok, dat dit voorjaar verscheen. Vanaf maandag 1 september vertelt ze erover op RTV Katwijk.

Bijna een eeuw aan verhalen. Dat is het resultaat van een gesprek met deze bijzondere Katwijkse. Ze vertelt over een tijd zonder wasmachines. 'Alles ging met de hand en een losse wringer. Borstrokken werden binnenstebuiten gekeerd zodat ze nog een weekje langer gedragen konden worden.' Het waren anderen die haar erop attendeerden dat ze zo op koningin Elizabeth van Engeland leek. Ook dat behoort tot haar herinneringen. De herinneringen die ze achter elkaar heeft opgeschreven. 'Het ging allemaal als vanzelf,' vertelde ze later.

Op RTV Katwijk wordt vanaf 1 september een interview met haar uitgezonden. Dit interview, door Adri van Beelen, is te zien vanaf maandag 1 september op RTV Katwijk, een week lang dagelijks om 12.00, 18.00 en 21.30 uur, na de sport. Via Ziggo op kanaal 41 of KPN 1385 maar nog makkelijker in het hele land op https://www.rtvkatwijk.nl/live-tv/ op de genoemde tijden. Later komt het interview op YouTube, waar het op ieder moment van de dag jaar in jaar uit te zien is. Het camerawerk is in handen van Jaap Arnoldus.

maandag 30 juni 2025

Godrevy Lighthouse – South West Coast Path (69)

Godrevy Lighthouse op 19 juni 2008.

Op een eilandje in de baai van St Ives staat Godrevy Lighthouse. De vuurtoren is goed te zien. Ook vanaf Porthminster Beach. Daar hebben Julia en Leslie Stephen een zomerhuis. Ieder jaar reizen ze met hun acht kinderen van Londen naar Talland House in St Ives. Een van die acht kinderen is de latere schrijfster Virginia Woolf. Ze is er alle zomers. Tot ze dertien wordt. Dan overlijdt haar moeder en wordt het huis verkocht.

Talland House in 1894.

Virginia en zus Vanessa spelen een spelletje cricket.

Het huis hebben we niet gezien. De dag dat we erlangs zouden komen, regent het pijpenstelen. Daarom nemen we voor het laatste stuk naar St Ives de trein. De vuurtoren hebben we wel gezien, toen het nog droog was, een dag eerder. Net als Woolf, die er alle zomers op uitkijkt. Later schrijft zij haar roman To the lighthouse, over de familie Ramsay en hun acht kinderen die een zomerhuis huren op het eiland Skye op de Hebriden. Dat is een stuk noordelijker dan waar Woolf vroeger haar vakanties doorbracht. Toch is er één ding dat herinnert aan haar jeugd. Dat is de vuurtoren in het verhaal, waarvoor Godrevy Lighthouse model staat.

De familie Stephen bij Talland House in 1894.

Nog even terug naar Talland House, dat we niet gezien hebben. Op 11 september 2022 werd daar een plaquette onthuld door de Virginia Woolf Society of Great Britain, die herinnert aan de twaalf zomers met het uitzicht op de vuurtoren.

zondag 22 juni 2025

Zennor – de zeemeermin – South West Coast Path (67)

Nog even terug naar Zennor, van een aantal berichten geleden: South West Coast Path (49).

Zennor is Cornish voor Senara, de naam van de plaatselijke heilige. De parochiekerk, St Senara's Church, uit 1150 is naar haar genoemd. De naam Senara op haar beurt komt van de legendarisch Bretonse prinses Asenora, die van Ierland naar Bretagne reisde in de tijd dat het Keltische christendom zich over Cornwall verspreidde.

Met de kerk is de legende van de Mermaid of Zennor verbonden. De legende vertelt het verhaal van een mysterieuze vrouw die af en toe de kerk bezoekt. Ze valt op door haar mooie stem. Ze raakt verliefd op een jongeman, Matthew Trewhella, die bekendstaat als de beste zanger van de parochie. Op een dag volgt hij haar naar huis en daarna wordt geen van beiden meer gezien. De dorpelingen vragen zich af wat er met de twee gebeurd is, totdat op een zondag een schip op ongeveer een mijl van Pendour Cove voor anker gaat. Kort daarna verschijnt er een zeemeermin die de kapitein vraagt het anker op te halen omdat een van de vloeien (driehoekige zijbladen) op de deur van haar huis rust en ze haar kinderen niet meer kan bereiken. De matrozen halen het anker op en vertrekken gauw, in de overtuiging dat de zeemeermin een slecht voorteken is. Als de dorpelingen hiervan horen, komen ze tot de conclusie dat de zeemeermin dezelfde dame is die hun kerk al zo lang bezoekt en dat ze Matthew Trewhella heeft verleid om bij haar te komen wonen.

Dit is een van de vele versies die er van dit volksverhaal circuleren, bijeengeraapt van Wikipedia. Op de vroegere website van de St Senara's Church was ooit misschien nog wel de mooiste versie te vinden, mooi vooral ook door de gebruikte belettering die aan de middeleeuwen doet denken.

De versie van het verhaal van de website van St Senara's Church.
Klik op het plaatje voor een vergroting.

In de kerk staat ook een bank waarin in het zijpaneel een zeemeermin is uitgesneden. Ze houdt een spiegel in haar hand. De uitsnede is meer dan 500 jaar oud. Sommigen denken dat de legende van na de uitsnede dateert, maar het kan ook heel goed dat ze van voor die tijd is en dat ze diende om het verhaal te onthouden als waarschuwing tegen de verleiding van schoonheid. Het beeldhouwwerk heeft de legende waarschijnlijk versterkt en bijgedragen aan de populariteit ervan.

Van de folkloreverteller William Bottrell (1816-1881) bestaat een langere versie van het verhaal. Hij tekende het op toen hij in 1873 Zennor bezocht. Ik kwam het tegen in Treasures of Cornwall, een bundel verhalen en gedichten van schrijvers die allemaal iets met Cornwall hebben.

zondag 8 juni 2025

Westward Ho! – South West Coast Path (65)

De wegwijzers van het South West Coast Path zijn hier in het voetpad verwerkt.

Het is een beetje een vreemde plaatsnaam, genoemd naar een boek van Charles Kingsley (1819-1875): Westward Ho! Te vertalen als: 'Naar het westen!' Het boek verscheen in 1855, de plaats werd tien jaar later gesticht, in 1865. Het is de enige plaats met een uitroepteken in de naam. Maar met het boek, de inhoud ervan, heeft ze niets te maken.

Greysands Beach.

Wel met de plek. Die ligt nogal naar het westen. Nog niet zo ver als Hartland Point, maar wel ver weg ten opzichte van alles wat zich ten oosten ervan bevindt. Zoals het plaatsje Appledore waar je doorheen komt.

Na Appledore ga je, via een omweg over het strand, een open vlakte over, van golfterreinen die zich uitstrekken over het Northam Burrows Country Park, en duinen die reiken tot Greysands Beach. Heel weids allemaal. Er grazen schapen en daartussen wordt dan een balletje geslagen. Wij vonden er weer een voor onze verzameling!

De golfterreinen met Appledore in de verte.

Vanuit de duinen en golfterreinen loop je vervolgens zo Westward Ho! binnen. Je merkt gelijk dat het niet heel oud is hier, een nog jonge nederzetting, zoals IJmuiden dat is voor Nederland, al zijn de huizen hier wel in wat vrolijker kleuren geschilderd, tussen verder vooral weer lelijke nieuwbouw. Alles wat een moderne badplaats is en waar je liever niet wil wezen. Maar we moeten er wel doorheen.

Straat in Westward Ho!

En... hebben er na lang zoeken, heel lekker gegeten. Dat moet gezegd. Bij County Cousins. Iets wat we nog nooit gezien hadden, of moet je zeggen: meegemaakt hadden? Nee, geproefd natuurlijk. Een zogenaamde carvery. Dat is een buffet van aardappelen, groenten, vlees of vegetarisch, en een toetje toe.

Dat laatste was nog een heel ritueel voordat het op tafel stond. Om ons te kunnen laten kiezen, werden alle taarten, bavarois en plumpuddingen uit een vitrine op een karretje gehesen. Dat werd naar onze tafel gereden, en nadat we iets uitgekozen hadden, werden al die taarten, bavarois en plumpuddingen weer teruggereden en in de vitrine gezet. Zo ging dat iedere keer opnieuw, voor iedere tafel met gasten die aan hun toetje toe waren. In het midden van de zaak stond de baas, die het allemaal in de gaten hield en dirigeerde, heel erg jaren vijftig. Je krijgt het er allemaal gratis en voor niks bij in Engeland, dit theater, of je nou een pub binnenstapt uit de dertiende eeuw of zo'n carvery uit het midden van de vorige eeuw. Een beetje nog de sfeer van het oude hotel Savoy in Katwijk, of hotel Riche, of de Orion voor mijn part. Hoewel County Cousins toch pas sinds 1986 bestaat, lezen we op hun website. Alles wat goed is, blijft hier natuurlijk wat langer bestaan. Je zou er zo weer gaan eten. In Westward Ho!

*In zijn boek Westward Ho! beschrijft Kingsley Appledore als een 'little white fishing village', maar daar is weinig van over.